De drukwerkvoorbereiding (onderdeel Kleurenleer)

Klik hier om deze printvriendelijk opgemaakte pagina af te drukken

Kleurenleer voor drukwerk, digitale fotografie en beeldschermen

In de klassieke basiskleurenleer zijn alle kleuren samengesteld uit de drie primaire kleuren: rood, blauw en geel.
De theoretische werkelijkheid is behoorlijk veel ingewikkelder.

Kleuren om ons heen komen, behalve in (natuurlijke) producten, helemaal niet alleen voor in drukwerken.
We worden impliciet steeds kritischer over kleuren, bijvoorbeeld ook bij (digitale) fotografie en ook de kleuren van (computer-)printers en beeldschermen vragen veel aandacht.

De kleurenfilosofieën ('kleurruimtes') en technische benaderingen bij verschillende apparaten als drukpersen, printers en beeldschermen kennen grote verschillen.
Zorgvuldige samenwerking tussen opdrachtgever, vormgever en drukker moet er toe leiden dat kleuren die voorkomen in en via deze drie uitingen, door de doelgroep toch als dezelfde worden ervaren.

Wat is kleur?

"Kleur bestaat niet", is een wel eens gehoorde uitspraak; die moet van een natuurkundige komen. En dan is die uitspraak ook nog niet eens zo gek.
Kleur is een frequentie van licht.
In het licht (het zonlicht/daglicht) zitten alle frequenties tegelijk en samen.
De mens ziet kleur omdat de materialen om ons heen freqenties in zich opnemen: 'absorberen'.
De frequenties die niet worden opgenomen, worden weerkaatst: 'gereflecteerd'.

Als licht wordt gesplitst in zijn onderdelen (bijvoorbeeld via een simpel prisma of door de regen) zien we de oorspronkelijke frequenties, overlopend in elkaar. Zo zien we dat ook in de regenboog.

Lichtfrequenties als kleur weergegeven

Als we deze 'strook' van lichtfrequenties, die we ervaren als kleuren, tot een cirkel maken, ontstaat een kleurencirkel.

De spectraalband omgebogen tot een kleurencirkel

Kleurencirkel

De kleurencirkel is in de loop der eeuwen door veel wetenschappers gebruikt (met onderlinge kleine verschillen) om hun kleurentheorieën te onderbouwen.

Maar zo zijn we er nog lang niet!
In deze kleurencirkel hieronder zijn de klassieke primaire kleuren te herkennen:
het rood, het geel en het blauw.

primaire kleuren
 

  secundaire kleuren
 
 
 

tertiare kleuren

Door de hedendaagse inzichten is het blauw niet een mooi vol blauw, maar het hel-lichtblauwe cyaan.
Net zo is het rood ook niet een prettige, warme kleur, maar het zachtrood met een zweem van paars, dat we kennen onder de naam magenta.
Ook herkennen we hierboven de 'secundaire kleuren'; dat zijn de kleuren die ontstaan door menging van primaire kleuren; die secundaire kleuren zijn dus het oranje uit geel en rood, het groen uit geel en blauw en het paars uit blauw en rood
En tot slot zijn in deze cirkel ook de 'tertiaire kleuren' te herkennen; die ontstaan door menging van een primaire kleur met een secundaire kleur. Voor verwerking in de grafische industrie is dat echter absoluut niet nauwkeurig en gedetailleerd genoeg.

Uiteindelijk gaat het niet om het mengen van kleuren, maar om het mengen van lichtfrequenties.
In drukwerk gaat het eigenlijk om het aanbrengen van een stof ('inkt') die de lichtfrequenties die we niet willen zien geheel absorbeert.
Maar op een beeldscherm gaat het weer juist om iets anders, zelfs om het tegenovergestelde: het gaat om het naar ons toezenden van lichtfrequenties die (samengesteld) door ons worden waargenomen als een bepaalde kleur.
En dus heeft het vooral te maken met de waarneming en vooral met de manier waarop het licht naar ons toekomt.
Die verschillen in benadering zijn essentieel en bepalen ook waarom het zo moeilijk is om bijvoorbeeld een nauwkeurig omschreven kleur (bijvoorbeeld uit een huisstijl) op papier en op een beeldscherm er exact hetzelfde uit te laten zien.
 

Subtractieve en additieve kleuren (een kort stukje 'praktische theorie')

In drukwerk worden kleuren bijeengebracht door deze te 'mengen'.
Dat kan op twee manieren; de keuze is afhankelijk van de aard en oplage van het drukwerk, de daarbij passende drukmethode en de hoeveelheid verschillende kleuren die in het eindproduct waarneembaar moeten zijn.

In de 'simpele' methode, die we vooral kennen als 'meerkleurendruk', wordt door de drukker de inkt gemengd vóórdat er gedrukt wordt. De drukker maakt daarvoor gebruik van een aantal basiskleuren, die nauwkeurig zijn gedefinieerd. Over de hele wereld wordt daarvoor dezelfde 'receptuur' gebruikt. Lees daarvoor de vorige webpagina, bij de uitleg over het PMS-systeem.

In de ingewikkelder methode, die we vooral kennen als 'vierkleurendruk' of als 'full colour-druk', worden de kleuren van de inkt niet door de drukker gemengd, maar neemt het menselijk oog de kleuren waar als 'gemengd', terwijl ze dat niet zijn. In deze methode worden 'basiskleuren' (eigenlijk de vier systeemkleuren cyaan, magenta, geel en zwart) 'naast' elkaar gedrukt. De drukker drukt daarom geen 'volle vlakken' van een bepaalde kleur, maar drukt via een raster alle kleuren in kleine puntjes: de rasterpunten.
De drukker brengt op de drukpers de vier systeemkleuren weer samen, door te drukken met voor elke kleur een eigen drukvorm. Zo ontstaat voor het oog het kleurenbeeld overeenkomstig de werkelijkheid.

Klik voor een voorbeeld waarin de samenvoeging van de vier systeemkleuren goed is te zien hier.
 

Subtractieve kleuropbouw

De achterliggende theorie van deze 'subtractieve kleuropbouw' is dat de samenvoeging van de basiskleuren leidt tot zwart.
Dit wordt duidelijk in onderstaand schema, waar de 'overlap' of 'stapeling' van de kleuren cyaan, magenta en geel duidelijk wordt.
Subtractieve kleuropbouw
               
               
               
               
               
               
               
               

Additieve kleuropbouw

Tegenovergesteld is de aanpak bij beeldschermen, zowel voor gebruik als PC-scherm dat we inzetten voor presentatie van websites, bij presentaties met een beamer en in video-presentaties via TV-schermen.
De 'basiskleuren' van beeldbuizen e.d. zijn niet de drie 'klassieke basiskleuren' rood, geel en blauw.
Nu zijn het de secundaire kleuren rood (warmrood), blauw (volblauw) en groen, zoals je ze ziet in onderstaande kleurencirkel.
Deze drie kleuren worden als gekleurd licht naar ons toegestraald door de beeldbuizen.
In dit deel van de kleurenleer spreken we over 'additieve kleuropbouw'.
De volledige samenvoeging van deze drie kleuren leidt niet tot zwart, maar tot wit.
Zie daarvoor onderstaand schema, waarin de 'overlap' of 'stapeling' van de kleuren rood, groen en blauw duidelijk wordt.
 
Additieve kleuropbouw
               
               
               
               
               
               
               
               

Bij dit deel van de kleurtoepassingen spreekt men dikwijls over RGB-kleuren; afkomstig van rood/groen/blauw (of red/green/blue)

De verschillende kleuren worden bereikt door de mate van verzadiging van rood, groen of blauw. Met name bij webtoepassingen zijn de mogelijkheden oorspronkelijk beperkt tot 256 kleuren.
De oplossingen op moderne PC's en verwante apparaten zijn enorm uitgebreid.
Op de beeldschermen van de eerste PC's (en TV-schermen) was voor elke beeldpunt 1 bit beschikbaar; daarmee was die beeldpunt wit (=1) of zwart (=0).
In de volgende ontwikkelingsstap was voor elke beeldpunt 8 bit beschikbaar; dat levert 256 (=28) kleuren op.
Inmiddels zijn de moderne PC's (met steeds grotere werkgeheugens) voorzien van 32 bits kleurenschermen en software; daarmee zijn 16,7 (=232) miljoen kleuren te produceren.
Elk van de drie RGB-kleuren kunnen we zo in 256 (0 t/m 255) gradaties weergeven.
Op het PC-scherm wordt dat vaak gepresenteerd in onderstaande vorm.

Digitale fotografie

Door de opkomst van de digitale fotografie is er voor fotografen, vormgevers, pre-press-bedrijven en drukkerijen een geweldig probleem en een uitdaging bij gekomen.
Kern van dit 'probleem' is dat aan het eind van het grafisch productieproces gedrukt wordt met inkten die zijn gebaseerd op het vierkleurensysteem (cyaan, magenta, geel en zwart, daarom als code wel aangeduid als 'CMYK'), of geheel op basis van PMS-kleuren, terug te voeren tot een op pigmenten gebaseerd systeem van 11 kleuren.
In de digitale fotografie worden de kleuren echter 'weggeschreven' in een systeem dat gebaseerd is op drie kleuren, namelijk rood, groen en blauw (daarom duidt men dit ook aan als 'RGB').
Natuurlijk bestaan er prachtige tabellen om het éne systeem om te rekenen naar het andere en zijn er digitale 'kleuren-converters' beschikbaar, maar dat lost niet alle problemen op.
Als functionaris die belast is met drukwerkbegeleiding kan maar één advies gegeven worden: informeer alle betrokken partijen in het vroegst mogelijke stadium over bijv. de aanlevering van digitale foto's.

Websitekleuren en drukwerk

Door de opkomst van websites als het digitale visitekaartje of als de digitale bedrijfsbrochure, zijn websites meestal de meest actieve huisstijldragers geworden. En dat stelt 'dus' ook eisen aan de kleurweergave via websites.
De kleurweergave op website heeft op oudere systemen echter nog al wat beperkingen; eigenlijk zijn er daarom voor websites 'maar' 256 kleuren beschikbaar.
Niettemin willen we die kleuren toch nog goed laten 'sporen' met de (PMS-)kleuren uit onze huisstijl.

Om de kleuren van een website goed weer te geven, ongeacht het type browser en ongeacht het type besturingssysteem en ongeacht het type scherm, is voor het world wide web afgesproken dat de kleuren worden weergegeven in een 'hexadecimale' code; dat betekent dat een kleur is vastgelegd in een cijfercode van 6 cijfers of letters. Die hexadecimale code kan omgerekend worden naar RGB-waarden.

Maar daarmee weten we nog niet wat de PMS-kleur van een website is.
En omgekeerd: als we als uitgangspunt een PMS-kleur uit een huisstijl nemen, is die kleur niet 'zo maar' te 'vernummeren' naar een kleur die overal via websites identiek is.

Bovendien is op het web het gebruik ontstaan om kleuren een 'nummer' te geven dat uit 6 karakters bestaat.
Willen we de RGB-kleuren elk in hun 256 stappen weergeven, dan zijn eigenlijk 9 karakters nodig!
Een voorbeeld: in de additieve RGB-aanpak is de volle kleur geel een samenvoeging van vol rood met vol groen, maar zonder blauw. Dat is dus in RGB eigenlijk 255/255/000; op het web schrijven we dat echter als FFFF00.
In dezelfde benadering is vol rood dus 255/000/000; op het web wordt dat FF0000.
Dat wat betreft de 'volle kleuren'.
In drukwerk hebben we de mogelijkheid van een kleur op basis van inkt een 'tint' te realsieren. Dat kan door die kleur af te drukken via een raster. We kunnen op die manier de kleur ook 'vervuilen' met een andere kleur, bijv. zwart. Daarover is elders op deze website al geschreven; op een andere webpagina is afgebeeld hoe de belangrijkste hulpmiddelen op het gebied van kleurbeheersing er uitzien.

Bij kleurbeheersing voor digitale dragers, met name voor het web, speelt nog een ander aspect.
Het gaat daarbij niet alleen om de vaststelling van de kleur alszodanig, maar ook om 2 andere aspecten die met de verschijning van die kleur te maken hebben. Die twee aspecten zijn de 'verzadiging' en de 'lichtsterkte'.
Samen met de ware kleur zelf zijn dit de drie aspecten die worden vastgelegd in het hexadecimale kleurnummer.
De ware kleur in de RGB-aanpak wordt aangeduid met het engelse begrip 'Hue'; de verzadiging met 'Saturation'; de lichtsterkte met 'lightness'. Die drie samen worden wel aangeduid als HSL.

Door deze speciale web-aanpak begrijpen alle browser dit en vertalen het correct naar het beeldscherm.
De verschillen die we dan nog zien, zijn verschillen die hun oorsprong hebben in het beeldscherm zelf.
Voor thuisgebruik zijn die verschillen meestal geen ramp, maar in het zakelijk gebruik, zeker bij het contact tussen studio's, vormgevers, webdesigners, drukkers en opdrachtgevers (huisstijlbeheerders), kan een beeldschermafwijking grote problemen geven.
Voor de professionele kleurgebruikers bestaan speciale 'callibratie' hulpmiddelen, om zuivere RGB-kleuren en PMS-waarden op het scherm tot stand te brengen.
En dan hebben we de fysiologische en psychologische aspecten bij de mens nog buiten beschouwing gelaten.
Bijvoorbeeld dat kleurwaarneming door de mens een persoonlijke zaak is: de kegeltjes in het netvlies van ons oog, die de eigenlijke receptoren zijn van de lichtfrequenties, geven niet bij iedereen hetzelfde signaal af.
En wat de een mooi blauw noemt vindt de andere een koude kleur.
Het begrip rood (of groen of blauw of geel) is niets meer dan een afspraak tussen mensen.
Een interessant boek over kleurwaarneming, kleurwaardering en kleurnaamgeving is 'Basic Color Terms, their universality and evolution' door B. Berlin en P. Kay.
In dit boek wordt uiteengezet dat overal in de wereld in feite maar elf werkelijk universele 'Basic Color Terms' zijn, namelijk: zwart, wit, rood, groen, geel, blauw, bruin, paars, rose, oranje en grijs.
Alle begrip en waardering van kleur wordt door mensen 'bedacht' uit combinaties van deze elf fundamentele kleurbenamingen.

De waarneming en waardering van kleuren wordt niet alleen bepaald door de kleur zèlf, maar juist vrij sterk door een samenhang van drie aspecten, waarvan de kleur er zelf maar één is.
Dat zijn:
  1. de tint (Engels: 'Hue')

  2.  
  3. de verzadiging (Engels: 'Saturation') en

  4.  
  5. de kleurwaarde (Engels: 'Value')

 

Een heel goede nadere uitleg over dit onderwerp is te vinden op Wikipedia.
Daar is ook duidelijke informatie en beeldmateriaal te vinden over verwante onderwerpen.
Zoek op Wikipedia met zoektermen als:

Kleurnotatie
Kleuren zijn bij uitstek zaken die als 'subjectief' kunnen worden beschouwd. De één vindt een kleur niet alleen mooi of prettig en de ander lelijk en onaangenaam, maar de ene persoon noemt iets 'blauwgroen', terwijl er voor een ander aanleding is om dezelfde kleur 'groenblauw' te noemen.
Er zijn verschillende manieren om kleuren 'vast te leggen' of te 'omschrijven'; dat heten kleurnotaties.

Een manier om een kleuromschrijving op te schrijven is de 'Munsell-notatie', deze werkt als volgt:
de 'primaire' kleuren worden in een cirkel gezet met (met de klok mee) rood (R), geel (Y), groen (G), blauw (B) en paars (P). 
Hiertussen worden de kleuren benoemd zoals de windstreken op een kompas: YR is oranje (precies tussen rood en geel in), R-YR is een oranjerode kleur, YR-Y is een oranjegele kleur.
Tussen deze kleurcodes is een schaalverdeling aangebracht met 5 stappen tussen elke code. De schaal loopt van 0 tot 10, zodanig dat de primaire (bijvoorbeeld R) en secundaire (bijvoorbeeld YR) kleuren de waarde 5 hebben.
Notatie: 3 YR 7/8, dit staat voor een oranjerode kleur die tussen R-YR en YR in zit, met een kleurwaarde van 7 en intensiteit van 8.
Bij het Munsell systeem wordt de kleurwaarde vergeleken met een schaal van 0 (zwart) tot 10 (wit).
De verzadigingswaarde loopt van neutraal grijs intensiteit 0, tot een maximum intensiteit die afhankelijk van de kleur ongeveer 10 tot 14 bedraagt.

Praktijk: soms gaat het goed, dikwijls zit je er met de kleur 'vlakbij' en stoort niemand zich er aan.
Maar voor de functionaris die drukwerkvervaardiging begeleid en ook de verbinding houdt met de digitale bedrijfspresentaties kan alleen als advies gegeven worden, om voor dit aspect voldoende tijd uit te trekken!
De eisen die aan correcte (multimediale) kleurweergave worden gesteld zijn steeds hoger. De techniek ondersteunt (in theorie) de goede (digitale) overdracht van kleuren tussen prepress-bedrijven naar aan de ene kant de opdrachtgevers en aan de andere kant de drukkers.

Internationaal is nu veel vastgelegd in een vrij nieuw en belangrijk stelsel van internationale normen.
Alle vooraanstaande prepress-bedrijven en (digitale) drukkers zijn deze normen nu aan het invoeren en in de grafische wereld barst het van de workshops en trainingen op dit gebied.
Ook grote drukwerk-opdrachtgevers, die zelf actief zijn in de digitale voorbereiding doen er goed aan zich hierop grondig te oriënteren!
Het normstelsel is bekend onder zijn codenummer: ISO-12674.  De norm bestaat al sinds 1997, maar in 2004 is de norm aanzienlijk vernieuwd en uitgebreid.
In de daarop volgende jaren zijn aanvullingen verschenen die specifiek gericht zijn op bijvoorbeeld 'parameters en meetmethoden', offset, flexodruk, diepdruk, zeefdruk, etc.
De officiele titel van de norm luidt in het Nederlands: "Grafische technologie - Procesbesturing voor de fabricage van halftoon kleurscheidingen, proef- en productiedrukken."
Deze norm is als internationale norm geheel Engelstalig.

Maak voor eigen oefening gebruik in het vaststellen van webkleuren (bijvoorbeeld in relatie tot drukwerk) van de websites die er bestaan om met kleursystemen te experimenteren en te oefenen. Kijk bijvoorbeeld naar de volgende webpagina die een overzicht geeft van handige webkleuren met de kleurcodes.
Heel handig voor het vaststellen van kleuren is de website www.webkleuren.nl, die kleuren zowel in RGB-waarden aangeeft als in hexadecimale waarden voor html-codering.
Of kijk naar de website www.colorschemedesigner.com die simpel maar heel verzorgd kleuren in beeld brengt.
Of kijk naar de website www.digitdesigns.com die de mogelijkheid geeft om met verschillende kleuren te oefenen, apart voor de achtergrond, voor de tekst, voor de hyperlinks e.d.
Heel handig is de website www.oken3d.com, waar (vanuit d elinkerkolom het programma 'ColorSchemes' gedownload kan worden voor installatie op de eigen PC.
Het is een handig (gratis) programma waarin kleuren zowel in HTML-codes als in CYMK ingevoerd kunnen worden en omgerekend worden. Erg praktisch als je wel de CYMK-samenstelling van een huisstijl weet; de goede RGB-waarde is dan ook zo beschikbaar.
Dezelfde webpagina bevat ook een Handleiding.
Veel rekenmogelijkheden vanuit bijvoorbeeld RGB-waarden zijn ook te vinden op EasyRGB.com. Deze website helpt goed bij het omrekenen naar andere kleursystemen, waarbij zelfs ook rekening gehouden kan worden met het lichttype.
Elke waarneming van kleuren op een beeldscherm wordt beïnvloed door de correcte instellingen van het beeldscherm zelf. Kijk op het beeldscherm van uw collega en sommige kleuren wijken al af van die bij u zelf. Daarvoor moeten beeldschermen 'gecallibreerd' worden. Ook daarbij helpt deze website.

Meer informatie over kleurenleer en kleurgebruik is te vinden via deze Belgische onderwijswebsite.

Nog meer informatie over kleurenleer (en over kleurenblindheid) in relatie tot de grafisch kleurgebruik [drukwerk èn websites] is te vinden via Naar Voren en op www.mensdata.nl/publicaties/kleurenblind.

Op deze website komt kleur alleen ter sprake in grafische en (verwante) multi-mediale toepassingen.
Kleuren in relatie tot bijvoorbeeld schilderwerk van gebouwen, voertuigen en installaties blijft hier buiten beschouwing. Dat is een noodzakelijke keuze vanwege de oriëntatie van deze website. Terwijl huisstijlbeheer zich dikwijls ook uitstrekt tot het gebruik van lakken en verven voor gebouw en voertuigen.
Kleuren van lakken en verven worden meestal aangeduid met zogenoemde 'RAL-nummers'.
Meer informatie daarover is te vinden op www.ral.de.


Naar boven           Naar vorige hoofdstuk         Naar hoofdstuk over webkleuren       Naar volgende hoofdstuk
Vragen of opmerkingen over de informatie op deze pagina?

Mail dan direct naar info@graficum.nl
Voor het laatst bijgewerkt op 3 januari 2015
© 2003-2015, P.W.A. Overdiep, Bussum
De namen Pantone, Pantone Matching System en PMS zijn beschermde handelsnamen van Pantone, Inc. New Jersey, U.S.A.; de kleursystematiek, de receptuur en de bijbehorende software zijn auteursrechtelijk beschermd.